archief: Fictieve woorden
Rondje rondom
zichzelf verloren
tussen het leven en haar dromen
haastte ze zich hopeloos op zoek
de rest vergeten
raasde het bekende heden
rondjes rondom
Gepost op 19 maart 2008 in Fictieve woorden | (0)
Hikken
Ik was bijna vergeten
Hoe je taal kon eten,
en letters slikken
Taaie woorden kon verbijten
Tot er niets meer over was
Behalve pijn.
Hoe je dan later begon
te hikken
en dat probeerde te verdrijven.
Door water te drinken op je kop
Door op en neer te wippen
En dan zoals altijd
door een klontje suiker
en azijn.
Gepost op 26 augustus 2007 in Fictieve woorden | (0)
Uitgewist
ik ben al uren aan het zoeken
naar de juiste woorden voor een gedicht.
waar ik letters zachtjes over je huid kan laten glijden
en zin vertaal in zinnen
ik heb je in weinig woorden uitgekleed,
en je in een bad van stilte bemind
en later bij het je afdrogen heb ik alle woorden uitgewist.
om niet veel later weer opnieuw te beginnen...
Gepost op 26 augustus 2007 in Fictieve woorden | (0)
Herhaling
Ik laat me langzaam zakken in een bad van woorden
Terwijl jij me zacht toefluistert.
De letters stromen als water langs mijn mond naar binnen
Ik drink jouw taal.
Opstijgende damp verraadt ons verlangen
En legt mijn handen daar
waar jij begint.
Gepost op 26 augustus 2007 in Fictieve woorden | (0)
Woorden-loos
Terwijl de woorden zich langzaam op
het scherm schrijven, eet de backspace
ze niet veel later weer op.
De enter verstuurt minutenlang niets dan witte ruimte.
Zo moet het zijn geweest toen de spaceshuttle contact
verloor met de aarde.
Een tikkende cursor. Het wachten.
'Je bent weer woordenloos' schrijf je.
Dat ik mijn ogen niet hoef te sluiten om je te zien.
En dat mijn handen, hoewel ze woorden typen,
langzaam over je rug glijden, in diafragma 2.8.
Dat je ogen mooi zijn. En je kwetsbaar kijkt.
Dat ik. Dat ik. Dat ik...
Je hebt gelijk. Ik ben weer woordenloos.
Je ontneemt me de woorden die jou zouden uitkleden,
langzaam de kleren van je lijf zouden rukken.
De woorden die je willen liefhebben,
en handen leggen op je lijf.
Die jou helemaal naakt gemaakt
mij handen op mijn mond leggen
en dwingen tot woordenloosheid
Gepost op 06 juni 2007 in Fictieve woorden | (1)
strip
ik strip alles weg. het hier, het nu. tot alleen naaktheid overblijft.
Gepost op 13 mei 2007 in Fictieve woorden | (0)
zweven
is het mijn verlangen dat je net niet aanraakt,
zweeft boven je zachte huid,
je benen opendenkt,
zichzelf dieper glijdt.
Gepost op 12 mei 2007 in Fictieve woorden | (0)
fragment
De maanden die daarop volgen, bleef ik je lezen met mijn handen.
Het gemakkelijkst was als je kippevel had. Dan zei ik 'Je hebt het koud'.
En ik was altijd juist.
Andere dagen was het moeilijker en was het lezen een moeilijke taak.
Gepost op 29 april 2007 in Fictieve woorden | (0)
Taal
Waar eerder de woorden
mijn mond overstroomden
en rolden als druppels
over jouw warme lijf
zijn het nu jouw zorgvuldig
gekozen zinnen
die langzaam geduldig
blijken te beminnen
Schijnbaar woordenloos
stom, slik ik zinnen in.
Zwijg ik wat te groot is,
en kus je, de stilte in.
Gepost op 20 april 2007 in Fictieve woorden | (0)
Diepte
Dat de nacht
waarin we waadden
diep was, en ik verdronk
in diepere dieptes
Dat de woorden
die we spraken
vloeiden als wijn
en rivieren vormden
Dat we beiden naakt
de nacht doorzwommen
En later glimlachdronken
Elkaar dieper kusten.
Gepost op 19 april 2007 in Fictieve woorden | (0)
Het missende gedicht
ik geef je vorm met mijn woorden,
jouw lichaam in taal.
schrijf met mijn vingers
het hele verhaal.
Wanneer ik je uitlijn
in de nacht,
een vinger strijk langsheen,
zacht.
Mijn hand leg op je heup,
en daar zachtjes duw,
langzaam hoper kruip
jouw tepel knijp, ruw.
En als ik veel later
mijn hoofd op je schouder vlei.
en mijn vingers in jouw vingers
gestrengeld de laatste zinnen
op je lijf geschreven,
je nog urenlang woordenloos
blijf beminnen.
Gepost op 14 april 2007 in Fictieve woorden | (0)
Verloren.
Daar waar je
ogen blikt
en seconden later
het moment bevriest
Daar ben ik
mijn zinnen verloren.
Tussen stilte en een veelheid van woorden.
Gepost op 02 april 2007 in Fictieve woorden | (0)
Nietsontzeggende stilte
Dat jouw handen zacht
met vertederende kracht
vertelden wat mijn blik niet gesproken
kreeg
Dat jouw woorden hard
met allesverslindende macht
vertelden wat mijn mond
zweeg
Gepost op 02 april 2007 in Fictieve woorden | (0)
Onaf...
De woorden puzzelen.
Al uren lang.
Ze passen niet.
Ik wou ze rond je leggen,
als een mooi kort kleedje
tot net onder.
En een halsuitsnijding
waar zelfs De Coninck
naar zou verlangen.
Dieper dan.
Dat ik dan zou schrappen.
Die 'waar zelfs De Coninck
naar zou verlangen'
En dat bijgevolg de halsuitsnijding woordenloos
niet kan dan
uiteenvallen.
En het korte kleedje
van je schouders glijden.
Ik zou staren
daar waar de puzzel zijn
houvast verloor.
En mijn handen vinden
zoals De Coninck:
perfect in het midden.
Gepost op 13 maart 2007 in Fictieve woorden | (1)
Gestold gevoel
Je streelt mijn gedachten.
Ik stol mijn adem
als jij ontastbaar
ongeschreven woorden
glimlacht
Aarzelen we dezelfde dingen?
Gepost op 13 maart 2007 in Fictieve woorden | (0)
Getwijfelde letters
Mijn vingers schuiven over het toetsenbord,
zacht, als langs je huid.
Weer aarzel ik woorden en twijfel ik letters.
Dat ik wou dat je lijf
dit toetsenbord was
en ik woorden op je schreef
Als ik later met de delete knop
alles langzaam wis
tintelt je lijf
nog zachtjes na.
Gepost op 23 februari 2007 in Fictieve woorden | (0)
Mist
Je legt mijn hand in je zij
Jouw hand op mij
Je beweegt langzaam de stilte
onder een ritme van woorden
waarvan het hoogtepunt
pas veel later zal komen.
Tot uiteindelijk
Jouw lippen op mijn mond
Mijn woorden verstomt.
Gepost op 17 februari 2007 in Fictieve woorden | (0)
Rechttoe
Ik ben bang om in je ogen te kijken
en in de eerlijkheid van jouw blik
een andere ik
gespiegeld te zien.
Dat ik niet ben
wie je van me maakt.
Niet verdien
me door jouw ogen te zien.
Dat ik jouw dromen
verstrooi en jou versnipper,
en mijn spiegels
slechts scherven zijn
waar jouw schoonheid
zich aan snijdt.
En dat me dat spijt.
Gepost op 12 februari 2007 in Fictieve woorden | (0)
Gent, kop en hart, ge zijt een schone stad
Gent, kop en hart, ge zijt een schone stad
Vanochtend vroeg had ge u in een wit kleed gestoken,
en de klokken laten luiden.
Ge had me gewekt zoals alleen gij dat kunt.
In verwondering.
En toen ik me later in uw straten was gaan verdwalen,
waart ge me van overal beginnen kietelen,
en weer had ge me misleid,
en weer vroeg ik me af welke kanten van u ik nog niet kende.
Dat ge me telkens weer verbaast, wou ik u zeggen.
Dat ge zo oud zijt en toch zo jong.
En dat iedereen die u kent niet anders kan dan
houden van.
Het witte kleed was van uw lijf gegleden
en tot water vergaan
en ik aanschouwde uw naaktheid.
terwijl gij mij kuste met zonnestralen.
Ik was een van uw minnaars geworden.
Jaren geleden al.
En terwijl gij glimlachend lucht
langs mijn wangen blies
wist ik dat ik dat altijd zou blijven.
Gepost op 10 februari 2007 in Fictieve woorden | (0)
Zachten
Langzaam zachten je contouren
Vervagen je scherpe trekken
tot je wordt
wie je nooit was.
Langzamer verdwijnt je blik
op oneindig gericht
tot er niet meer is
wat er nooit was.
Gepost op 08 februari 2007 in Fictieve woorden | (0)
Koningsblauw
Ik was op zoek gegaan naar adjectieven,
aarzelend, struikelend over de letters.
Dat jouw ogen niet gewoon blauw, of hemels waren,
noch diep als de oceanen, maar als een meer,
waar, als ik goed keek, ik in dreef.
Ik keek hoe het koningsblauw langzaam
het bassin vulde met woorden,
en zich later, kilometers verder,
vermomd als wolken over je zou uitstorten.
Gepost op 28 januari 2007 in Fictieve woorden | (1)
Voor gedichtendag: Zij
Ik kijk haar aan,
vraag me af of ik haar zou
kunnen verlangen
zoals ik jou verlang
Of ik
met mijn vingers in haar zij
haar vingers op mij
wil voelen.
En ik later
als ik zeg 'Lieveling'
niet jou
maar haar wil bedoelen.
(Eerst gepost op 30 januari 2006)
Gepost op 25 januari 2007 in Fictieve woorden | (0)
Fictie van het verlangen.
Je klopte zachtjes aan.
Alles wat daaraan voorafging:
Eén lange aarzeling.
Gepost op 21 januari 2007 in Fictieve woorden | (0)
This last warm solitude
Je strijkt de rimpel op het water plat,
dempt de resonantie van mijn stem.
wist wat je weet.
Probeert.
Dat alles anders is.
De vibraties in de lucht.
Alles herleid tot een lange golfbeweging
Trillend laat je me achter.
Gepost op 19 januari 2007 in Fictieve woorden | (0)
Braille
Ik proefde de zoetheid van je stem,
en terwijl ik mijn woorden verrijkte met de
smaak van Marokkaanse munt, versmolten onze
monden tot een onverstaanbare taal.
Alsof we braille spraken, zei je.
Je liet mijn vingertoppen voelen wat je
daarmee bedoelde.
Gepost op 01 januari 2007 in Fictieve woorden | (0)
De taal waarin je baadt
Je streelt het bad van woorden,
Laat zachtjes de ruwheid van mijn zoute stem over je armen schuren,
tot we langzaam in het water van de stilte glijden.
Ik drijf op ongesproken taal,
op onvervoegd verlangen,
laat jouw handen om mijn handen,
jouw lippen op mijn handen,
jouw woorden op je lippen.
Zo blijven we liggen in de tijd.
Gepost op 21 december 2006 in Fictieve woorden | (0)
De angst
Je kwam langs mijn benen mijn lijf opgekropen.
strengelde je langs mijn armen,
langzaam rond mijn nek.
Ik vergat te ademen...
Je laat mijn hart sneller kloppen
en nestelt je in mijn hoofd.
waar je uren later nog zal zitten.
Wanneer zij, veel later,
mij zachtjes in haar armen neemt,
blaas je een stille aftocht.
Geluidsloos kijk ik je na.
Gepost op 18 december 2006 in Fictieve woorden | (0)
Uit.
'Ik ga uit', zei ze.
Je keek haar aan,
schijnbaar nonchalant
'Je doet maar'
'Ik doe maar'
'Ga maar,
trek haar maar aan,
daag haar maar uit.'
Het waren je ogen die je verraadden.
Dat ze jou wou uitdagen.
Jou aantrekken.
En niet veel later
jou uit trekken.
Eerst je linkerschoen.
Als laatste je onzekerheid.
Gepost op 17 december 2006 in Fictieve woorden | (0)
Neergeschreven
Je wist dat ik je had
neergeschreven. Je lichaam
met fluwelen zinnen had omhuld.
Op sommige plaatsen je kleren
had weggegomd en
je schoonheid met fijne pennetrekken
voorzichtig aangeraakt.
Ik had de zachtheid van je handen
beschreven als zijden wolken
die langs me heen streken
terwijl hun druppels als tranen
langs je wangen gleden.
De inkt vormt langzaam grote meren
om in weg te dromen.
Jij sluit je ogen.
Ik kus ze met woorden.
Gepost op 15 december 2006 in Fictieve woorden | (1)
Verplaatste lucht
De plek op mijn arm
herinnert dat wat echt was.
Een afdruk van eerder
Je tanden in mijn huid
Je handen tussen mijn benen.
Dat, nadat
de lakens zijn gladgestreken,
jij blijft.
In je geur
aan mijn handen.
Gepost op 01 december 2006 in Fictieve woorden | (0)
Leeg
Dat hij haar heel de nacht had aangeraakt
En zij daarvan niet kon slapen.
Dat hij anders niet kon slapen, bang te ontdekken de werkelijkheid een leeg bed was.
Gepost op 16 november 2006 in Fictieve woorden | (0)
Stroom
Dat ik alle woorden al eens eerder had gezegd
en met minstens evenveel liefde.
Dat ik anderen had liefgehad en misschien liever.
Dat ik in herhaling viel, telkens opnieuw
dezelfde soort vrouwen koos.
Dat ik misschien maar es moest nadenken of
ik mezelf niet in zoveel liefde verloor.
Je zei het terloops en tussen de zinnen door.
Je woorden bleven stromen. Van alles een beetje.
Tot ik langzaam een vinger op je lippen,
je van woorden ontnam.
En jij, eindelijk, de tranen liet komen.
Gepost op 16 november 2006 in Fictieve woorden | (0)
Glinsterend glas
Ze zijn als het volle glas
dat op de rand van de tafel
balanceert en uiteindelijk valt.
In snelheid verhoogt
en met een razende klap
uiteenspat. Scherven snijdend
klieven door de lucht,
terwijl het vocht de wonden
blust.
Gepost op 15 november 2006 in Fictieve woorden | (0)
Aangetrokken
Ik trek je aan.
En duw je weg.
Vlei je tegen me aan
En trek je kleren uit.
Hou van je
een paar uur lang.
Staar dan naar het lege bed,
om me af te vragen
wat het was dat ik zag.
Dubbelzinnigheid
ontdubbeld?
Gepost op 14 november 2006 in Fictieve woorden | (0)
Conundrum
Ik puzzel je mond op de mijne.
Jij slaat je benen om me heen.
Mijn vingers verstrengelen de jouwe
Je past jouw lijf in het mijne.
En de stukjes vallen.
Langzaam.
Op hun plaats.
Gepost op 12 november 2006 in Fictieve woorden | (0)
Willen
Hoe wil je
zoals we spelen met woorden
en met elkaar
ik naar je kijk
zonder
meer te willen
Hoe wil je
mij niet jou willen
Gepost op 10 november 2006 in Fictieve woorden | (0)
Glad ijs
Ik zwijg de woorden die je bang maken.
Die jou en de grond onder je voeten
laten bevriezen.
En jij, plots op glad ijs,
niet weet hoe je hieruit te redden.
Ik weet niet hoe mij te redden,
hoe de warmte in je ogen te ontwijken
en even later mezelf te verliezen.
Ik zwijg
de woorden
die mij bang maken
Gepost op 10 november 2006 in Fictieve woorden | (0)
De blik
Za hadden uren zitten filosoferen over abstracte ideeen, gevuurd met woorden, geplaagd met zinnen.
Ze hadden zich verbaasd over de gelijkenissen en stilzwijgend de verschillen erbij opgeteld.
Ze waren dichter gaan zitten, gepassioneerd door het gesprek en elkaar.
Er was veel wijn gevloeid.
Veel afstand bewaard.
Veel gedachten betreden en nog meer gezwegen.
Uren aanloop tot 1 blik.
Die van het gezwegen weten.
Gepost op 25 oktober 2006 in Fictieve woorden | (2)
Als een droom
Wat ik dacht is waar
ik ben me vanmorgen verloren
daar waar ik gisteren jou had teruggevonden
En het enige wat blijft is de afdruk onder de lakens
die later zullen gladgestreken
en wissen wat als nooit is geweest
Gepost op 25 oktober 2006 in Fictieve woorden | (0)
Schijn
Brandende sigaret
op zomers perron
mooie vrouw leest een boek
en weer zijn de woorden zoek
Deze vredige stilte die heerst
is slechts schijn
Dadelijk weer een moordende trein
die mij tot zich neemt, opslokt,
doorslikt en uitspuwt
in een volgend station..
Gepost op 10 oktober 2006 in Fictieve woorden | (0)
Verbrandt
Als mijn hand op jouw lichaam
jouw lichaam mijn hand verbrandt
als jouw lichaam in brand en gloed
mijn lichaam van zijn kilte ontdoet.
Gepost op 08 oktober 2006 in Fictieve woorden | (0)
Dat ge gvrdmm goesting krijgt om een vliegtuig richting zon te nemen...
Dat ge gvrdmm goesting krijgt om een vliegtuig richting zon te nemen...
ware het niet dat ge tegenwoordig zo gdvrdmm lang moet aanschuiven in vlieghavens. En dat ge geen water meer moogt meenemen. Enzo.
En al zeker geen iPod meer.
Een paar jaar geleden zei hij tegen me: ge zult het nog zien, er komt nen dag dat ook gij zult buigen voor hen. Dat ge vrijheid zult inleveren, uw tas zult moeten opendoen bij het binnengaan van een warenhuis, uw koffer bij een ondergrondse parking. Dat ge op cafe zit en u afvraagt of er vandaag een bom ontploft of niet. En waar.
Dat ge bij het opstappen op de bus uw afvraagt waar ge het beste zit om het minste pijn te hebben, om het minste gevaar te lopen.
En dan zult ge beginnen leven zoals nooit tevoren.
En daarna zult ge het gewoon worden.
Leven zonder vrijheid.
Dat hij gdvrdmm nog gaat gelijk krijgen ook...
Gepost op 15 augustus 2006 in Fictieve woorden | (0)
Woordenkracht
Met een paar woorden
reduceer je me tot
een lichaam, een lijf,
een paar handen op je huid,
een tong in je mond.
Je zinnen beuken
ritmisch op me in.
Onaflatend ga je door
tot ik allang niet meer hoor
en me afvraag waar
je onze liefde verloor.
Gepost op 06 augustus 2006 in Fictieve woorden | (0)
Middeleeuwen
Hij bindt zijn malienkolder om. -Wie vond die verdomde dingen eigenlijk uit? Loodzwaar en niet zo heel effectief...-
Het slagveld rondom hem toont wat hij niet wil weten.
De weg naar de Heer is ver, en hard.
Hoe zullen mensen de geschiedenis lezen over een jaar of 1000, vraagt ze zich af.
Hoe zullen de vroege jaren 2000 dan bestempeld worden?
Postmodernisme. Nieuwe tijd leest het in recente geschiedenisboeken. Ze moest er altijd al om lachen. Nieuwe tijd.
Wat was er zo nieuw?
Hoe zullen ze later deze tijd hernoemen?
Als de late middeleeuwen, waarbij een wereldrijk kruistochten onderneemt naar de ongelovigen.
De tijd waarin krijgers in vliegtuigen stappen en gebouwen doorboren als botte zwaarden door rot vlees.
Waar volledige volkeren slachtoffer worden van de strijd om macht.
Waar net zoals in het Oude Rome brood en spelen worden georganiseerd, niet meer in arena's maar life op tv, op de CNN's en de BBC's van deze tijd.
In de Big Brothers en Temptation Islands die deze eeuw ons biedt.
Waar grote branden wereldsteden in vuur en vlam zetten.
Waar conflicten ontaarden in langdurige burgeroorlogen, met bloederige massamoorden, en eindeloze bomaanslagen.
Hij stapt voort. Stopt met de doden te tellen.
En de kinderen. De talloze kinderen. De vrouwen.
Wie stak het vuur aan? Wie begon deze helse niet stoppende razernij?
Wie was de duivel...
Gepost op 31 juli 2006 in Fictieve woorden | (0)
F* U
Fuck you, dacht ze,
toen onverwacht de boxen Sanvean lieten weerklinken.
Net als alle andere keren verkenden de boxen hun uitersten.
En net als alle andere keren zou ze later de repeat knop indrukken.
Hoe de muziek haar vervoerde, pijn, glimlach, hoop, tranen.
Hoe ook zij haar vervoerde, pijn glimlach hoop, tranen.
Hoeveel toeval er in deze wereld was, vroeg ze zich af.
Gepost op 29 juli 2006 in Fictieve woorden | (0)
Manquer
Tu me manques.
Het flitst door mijn hoofd,
terwijl ze nadert met hoge hakken.
Het tikken echoot door de volle ruimte,
wordt harder.
Stopt.
Ani mitga'agaat eliach
Ze gaat schrijlings op me zitten,
kust me in mijn nek.
Ogen blikken, glimlachen.
Momenten gaan voorbij.
We komen.
Ze gaat.
Jij blijft.
Gepost op 09 juli 2006 in Fictieve woorden | (1)
Pijn
De pijn drukte
Alsof er iemand een voet op haar hart had gezet
en langzaam zijn gewicht verplaatste
harder en harder.
Ze slikte
Zag plots de blik van haar moeder voor zich.
'Verman je' en kromp ineen.
Wou huilen maar zelfs dat mocht niet.
Ze sloot haar ogen.
Ze telde langzaam tot 10.
Ademde in, rechtte haar schouders.
De wereld bleef draaien, en zij stapte voort.
Gepost op 07 juli 2006 in Fictieve woorden | (0)
Vreemde vaststelling
Alsof iemand kan uitgewist worden,
misschien zelfs gedeleted,
zo blokt ze alle gedachten
en alle msns, skypes en hotmails.
Zo
doet ze
alsof.
Gepost op 27 juni 2006 in Fictieve woorden | (0)
Zin
'Ik ben op zoek naar de zin.'
De zin?
'De zin van het leven.'
Hij glimlachte. Had hij dat al niet vaker gehoord?
Ze klonk nog naief. Nog jong.
Dat die zin veel werkwoorden moest bevatten, dacht hij.
Veel willen en vooral veel doen.
En misschien ook wel dromen.
Dat hij ook wel zin had...
In haar.
Gepost op 25 juni 2006 in Fictieve woorden | (1)
Vingerafdrukken
Ze schrijft vingerafdrukken op haar lijf.
Ze blijven kleven als kleine onzichtbare herinneringen.
'Ik geloof niet in gemakkelijk geluk.
Het kan nooit eenvoudig zijn
Dat is het nog nooit geweest.'
Ze kijkt haar aan en fronst.
Gluurt in haar ogen en wat er achterligt.
Grootse weidse landschappen vol onzekerheden,
met daarin grazende koeien die herkauwen
opnieuw en opnieuw.
'Geloof je in dit?'
Stilte. En dan met vaste stem.
'Ik geloof in nu.'
Gepost op 25 mei 2006 in Fictieve woorden | (1)
Lezen tussen de regels
Hey, stoor ik?
(eindelijk.)
-Nee, zeg maar.
(wat klink je mooi)
Zeg bedankt voor je mailtje.
(daarvoor bel ik niet, ik wilde je eigenlijk gewoon horen...)
-Oh is niets. Graag gedaan.
(voor jou alles.)
- Zeg soms zin om naar de film te gaan, volgende week ofzo?
(kom bij mij, kom gewoon bij mij)
Ja als het weer wat minder goed is
(want dan kan ik misschien gewoon langskomen zonder film)
-Ja als het weer wat minder goed is.
(kom misschien gewoon langs zonder film..)
Tot binnenkort?
-Tot binnenkort.
Gepost op 15 mei 2006 in Fictieve woorden | (0)
Pijn
Auw.
Hij kijkt me verontwaardigd aan.
In de volgende seconde zal hij besluiten of hij wil huilen of dit aan zich laat voorbij gaan.
Ik doe even van clown en hoop een glimlach tevoorschijn te toveren.
Een traan welt langzaam op.
Wij hebben nooit mogen huilen
zeg je.
Er is de pijn die je vergeet
Er is de pijn die je niet weet
En er is de pijn die je nooit hebt mogen voelen.
Ik kijk hem aan.
Hij barst uit in lachen.
Gepost op 15 mei 2006 in Fictieve woorden | (0)
Geblinddoekten
Als geblinddoekten zijn we op zoek
naar de grenzen van de kamer.
Om dan tastend verder te gaan,
ons hoofd te stoten
telkens weer.
Gepost op 05 mei 2006 in Fictieve woorden | (0)
Dromen
Mijn vader zei altijd dat ik die ene ultieme droom moest krijgen. Hij zou mij verschijnen en ik zou het weten...
Het is 12 uur en ik slof uit mijn bed.
Hij is nog altijd niet gekomen, die droom.
Ik doe maar wat.
-Wat is uw job meneer?
'Ik ben modderaar, ik modder wat aan...'
De chaos in mijn hoofd, daar zou ik willen vanaf geraken.
Ik heb het al geprobeerd, echt waar: in mijn hoofd zitten hele bibliotheken met herinneringen, netjes geordend, in jaargetallen, en in mooie rijen, lange kasten. Heel schoon... Ik kan er uren in wandelen.
Als mijn gedachten de gangen niet bevuilen.
Want als dat begint is alles om zeep.
Ze stoppen niet, de gedachten. Ze schieten in een hels tempo op me af.
Taktaktaktaktaktak... Als nooit stoppende geweren die hele magazijnen leegschieten.
Moe word ik er van. Zo moe.
Soms denk ik dat de ultieme droom er al heeft tussengezeten, maar dat al de andere zever hem heeft vermomd zodat ik het niet zag.
Soms denk ik dat de ultieme droom al is gepasseerd,
en geruisloos aan mij is voorbijgegaan.
Gepost op 19 maart 2006 in Fictieve woorden | (0)
Ze
Ze denkt
Bel me
Ze denkt
Kus me
Ze zegt
Hey
Ze zwijgt.
Ze durft niet aan te raken
Omdat als ze dat doet
alles lijkt te breken
En ze achterblijft met
niets.
Gepost op 18 maart 2006 in Fictieve woorden | (0)
Getallen poezie
1·61803 39887 49894 84820 45868 34365 63811 77203 09179 80576
28621 35448 62270 52604 62818 90244 97072 07204 18939 11374
84754 08807 53868 91752 12663 38622 23536 93179 31800 60766
72635 44333 89086 59593 95829 05638 32266 13199 28290 26788
06752 08766 89250 17116 96207 03222 10432 16269 54862 62963
13614 43814 97587 01220 34080 58879 54454 74924 61856 95364
86444 92410 44320 77134 49470 49565 84678 85098 74339 44221
25448 77066 47809 15884 60749 98871 24007 65217 05751 79788
34166 25624 94075 89069 70400 02812 10427 62177 11177 78053
15317 14101 17046 66599 14669 79873 17613 56006 70874 80710
13179 52368 94275 21948 43530 56783 00228 78569 97829 77834
78458 78228 91109 76250 03026 96156 17002 50464 33824 37764
86102 83831 26833 03724 29267 52631 16533 92473 16711 12115
88186 38513 31620 38400 52221 65791 28667 52946 54906 81131
71599 34323 59734 94985 09040 94762 13222 98101 72610 70596
11645 62990 98162 90555 20852 47903 52406 02017 27997 47175
34277 75927 78625 61943 20827 50513 12181 56285 51222 48093
94712 34145 17022 37358 05772 78616 00868 83829 52304 59264
78780 17889 92199 02707 76903 89532 19681 98615 14378 03149
97411 06926 08867 42962 26757 56052 31727 77520 35361 39362
Gepost op 14 maart 2006 in Fictieve woorden | (0)
Goedkoop servies
Hij dacht dat ze maar goedkoop servies moesten kopen.
Zo van dat wit, waar het chinees porcelein niet altijd alles bedekte.
Van dat mooi maagdelijk wit.
Uit Ikea. Waarvan je je afvroeg hoe ze het in hemelsnaam konden maken, verpakken, verschepen en verkopen aan een spotprijs. En toch nog winst maken.
Van dat servies dat zo goed paste in de hand, en later, gelanceerd als een frisbee, de eetkamer zou in twee snijden, en uiteindelijk uiteenspatten tussen haar en de al even vlekkeloze witte muur.
Gepost op 14 maart 2006 in Fictieve woorden | (0)
En toen
En toen draaiden ze rondjes en rondjes
Rond de pot.
Gepost op 13 maart 2006 in Fictieve woorden | (0)
Kent ge het
Kent ge dat, als ge zo iets wil zeggen maar ge kunt er niet opkomen.
Zo dat het op het puntje van uw tong ligt.
Kent ge dat, en anders zoudt ge het wel 100 keer zeggen, maar nu dus niet
Zo, alle, ge weet wel, zo zonder problemen, ratelen een uur aan een stuk
en dan plots stil vallen en niet meer weten wat te zeggen, want ja ge kunt
er niet op komen eh, op dat ding dat op het puntje van uw tong ligt.
En dan, dan dat contrapunt, van ratelen aan een stuk met inhoud, tot ratelen over niets, want in uw achterhoofd speelt nog steeds dat ding waar ge niet kunt op komen, en dus babbelt ge maar door.
Over niets.
Verdommeneh.
Gepost op 01 maart 2006 in Fictieve woorden | (1)
2003
Dat wat tussen ons was geweest
slechts een illusie was,
het opvullen van een leegte,
eenzaamheid maar niet alleen.
Ik glimlachte verdriet,
wist mezelf andere gedachten
en wiste ze vervolgens uit.
Hoe we waren met tweeen: een.
Dat je met hem was, maar een beetje
zo en zo. Dat het wel leuk was, dat
jullie dansten op het ritme van de zon
en kookten af en toe.
Ik glimlachte een glimlach,
Wist wat ik wist en wist beter
Hoe we waren geweest
met zijn tweeen: een.
Gepost op 24 februari 2006 in Fictieve woorden | (0)
Zij
Ik kijk haar aan,
vraag me af of ik haar zou
kunnen verlangen
zoals ik jou verlang
Of ik
met mijn vingers in haar zij
haar vingers op mij
wil voelen.
En ik later
als ik zeg 'Lieveling'
niet jou
maar haar wil bedoelen.
Gepost op 30 januari 2006 in Fictieve woorden | (0)
Verf bladdert
Verft bladdert verloren
pelt verleden na verleden
tot kleine stukjes niets
Alles wat ooit eens is geweest
is niet langer.
Ruimte maakt plaats.
Gepost op 27 januari 2006 in Fictieve woorden | (0)
Zeep en tandpasta
Het zit em in de details, mompelde hij.
Hoezo?
Ze keek hem aan. Dat hij weer wartaal uitsloeg, en dat het altijd hetzelfde was, elke week opnieuw.
De details, herhaalde hij.
Zoals de zeep en de tandpasta.
Ze keek hem fronsend aan, de rimpels groeven dieper en dieper.
Ja, de zeep en de tandpasta, schreeuwde hij.
Haar hoofd schuddend liet ze hem achter.
Niets mee aan te vangen, dacht ze.
Zeep en tandpasta?
Ze stopte, ze grijnsde.
Helemaal klaar voor het zothuis.
Ze stak een sigaret op en slofte voort.
Gepost op 24 januari 2006 in Fictieve woorden | (0)
Het is in ruines dat ik woon.
terwijl ik als gek ter plaatse blijf trappelen op de 'ververs mail knop'
morst zij kilometers verder woorden, langzaam, mooi gebalanceerd.
terwijl mijn hart als een razende tekeer gaat
en het ongeduld in mijn ogen te lezen staat,
breit zij met de de rust van ruisende golven wolken aan de hemel.
wolken die me bedaren.
die me letters licht als fluitende vogels in het eerste ochtendlicht laten neertrippelen
en een spoor achterlaten van vreemd aaneenhangende zinnen
ik kijk naar de luchtkastelen die druppel per druppel
in duigen vallen tot enkel ruines achterblijven.
Gepost op 30 december 2005 in Fictieve woorden | (0)
Je denkt me voorbij
Je denkt me voorbij,
laat me zijn wie ik ben
zonder weer maar eens
het gevoel te hebben dat ik in een razende sneltrein zit
en de rest het landschap die buiten staat te waaien in de wind.
Je katapulteert me naar zwarte holen
aan de snelheid van het licht.
terwijl je seconden later
je naast me bevindt.
Ik verlies je
in abstractheid
in de leegte van het niets
tussen een wiskundige formule
die schoonheid vindt.
Gepost op 19 december 2005 in Fictieve woorden | (0)
Zwarte holen
Het was alsof iemand een boel ideen had vastgenomen, mijn schedel had opengedaan, alles erin gedouwen en dan eens keihard had gestuiterd.
Ik wist het niet meer. Ik wist niets en alles was chaos.
Zoals die zwarte holen waarin ruimteschepen verdwijnen in science fictions films, maar dan anders.
En de wereld, die was veels te hard aan het draaien en alles stond op zijn kop.
En de planeten die begonnen te botsen, keihard, tegen elkaar.
En de honden konden praten en de mensen blaften.
Precies fictie, maar dan anders...
Gepost op 19 december 2005 in Fictieve woorden | (0)
Nu en hier.
Jij laat het nu en hier,
Zelfs het waarom
Oplossen
Tot enkel het existentiele ‘wij zijn’
Overblijft.
Met 1 vinger
Wis je mijn lichaam
En tergend langzaam
Toon je me waar God
de hemel schiep.
Gepost op 11 december 2005 in Fictieve woorden | (1)
Halve zinnen
Of ik alsjeblief en zo snel mogelijk
Ze klonk oprecht
Ik probeerde
Dat het niet kon
Dat het niet mocht
Ze begon
En later nog meer
Snikkende tranen drupten langs
Uren, dagen, maanden
Ze stopte
Ik ook.
Gepost op 29 november 2005 in Fictieve woorden | (0)
De eenzame vis
In ons huis woont er een vis.
Hij zwemt vierkantjes in een te kleine bokaal.
Voor de zoveelste keer weerklinkt hetzelfde lied uit de boxen.
Alsof er in onze muziekgeschiedenis maar 57 mooie liedjes bestaan.
Radio maken lijkt me niet moeilijk.
Het druppelt tranen in zijn hart. Maar hij kan niet denken.
Achter zijn glazige ogen ligt niets dan leegte en onwetendheid.
De klokken luiden maar het tijdperk blijft hetzelfde. De eenzaamheid ook. Alleen het water wordt viezer.
In zijn wereld bestaan er geen tv's, geen morgen en geen vandaag, geen onverwacht bezoek, geen mooie schoenen om te kopen.
In de glans van het glas schrikt hij van de uitvergrote weerspiegeling. Hij gaat voor zichzelf op de vlucht.
Hij zwemt zichzelf verloren.
Gepost op 30 september 2005 in Fictieve woorden | (0)
On-zin
Mijn ogen vallen dicht.
Op een televisie serie zijn alle vrouwen mooi en de wereld van plastiek.
Ik denk hoe ik maar me moet bezatten, en dan naar huis strompelen.
Alle verhalen zijn autobiografisch lacht ze hem toe.
Ze is fout, denk ik.
Dit niet, dit godverdomme niet.
Dit is een hersenspinsel om 3 u 's nachts dat geen steek houdt.
Onzin.
Dagen uren minuten seconden vol onzin.
Een hoofd vol onzin.
Als in het tegengestelde van zin.
Zin...
Een samenstelling van woorden.
Goesting
Reden.
Vrije associatie heeft haar in een diepe coma achtergelaten.
De woorden strompelen haar achterna...
Gepost op 30 september 2005 in Fictieve woorden | (0)
De droom en de duisternis.
Ik hou van hoe je me gewichtloos aanraakt.
Alsof de wind over me ademt, zachtjes en stil.
Ik durf mijn ogen niet te openen, bang te staren in de leegte,
en te ontdekken dat er niets is behalve droom en duisternis.
Gepost op 29 september 2005 in Fictieve woorden | (0)
Zwijgen
Ze keek hem aan, ongelovig, hoe, als hij de vreemdste verhalen vertelde, een glimlach op haar gezicht kon toveren.
Ze keek hoe zijn lippen een vijver van woorden vormden en hoe ze erin kon verdrinken, terwijl op de achtergrond als in een vaag verre radio een verhaal werd verteld.
Gepost op 28 september 2005 in Fictieve woorden | (0)
Sterren en driehoeken
Je lach is bevrozen, een fractie van een seconde gaat de eeuwigheid in.
Of toch tenminste zestig jaar.
Dat moet ongeveer de houdbaarheid zijn van het fotopapier dat je niet laat verouderen.
En dat daarmee ook even de tijd stopt.
Ik kijk naar de rimpels om je ogen en strijk ze glad.
Later zal het papier verkreukelen en wat vergelen.
Verborgen in de zoom van mijn jas bescherm ik je tegen
wie het tegen ons heeft gemunt.
Ooit zal hij zien hoe mooi je was,
toen hij nog niet bestond,
toen de aarde nog in zwart wit leek
en 'groote oorlogen' onze wereld teisterden
en hoe wat hij niet kent nooit mag vergeten.
Gepost op 20 september 2005 in Fictieve woorden | (0)
Mysteries
Ik vrees dat het enige wat helpt niet meer weggegaan is.
Gepost op 13 september 2005 in Fictieve woorden | (0)
Kadans van gevoel
Je woorden grijpen me
bij de keel. Drukken als vingers
op mijn adem en versmachten
al mijn gedachten.
Langzaam laat je me
los, en terwijl de laatste aanraking
nog tintelend een afdruk achterlaat,
weet je jezelf te laten verdwijnen.
Ik snak naar lucht
slik het in, en drink de nacht
die me smachtend achterlaat.
De bomen wuiven vaarwel.
Gepost op 12 september 2005 in Fictieve woorden | (0)
Spiegelen
Ze zeggen dat fotografen zichzelf zoeken in de spiegel van de ogen van hun onderwerp.
Hij wist niet of het waar was, wel dat hij hield van zijn spiegelbeeld in haar ogen.
Hoe zij naar hem keek. Hem op slag veranderde in iets wat hij nooit zou kunnen zijn.
Ze keek naar de littekens die in zijn ziel waren gegroefd. Ging er met een vinger overheen. Ze probeerde licht als licht en stil als de stilte te zijn. Te verdwijnen. Teveel vragen, te veel antwoorden.
De ruimte werd doorkliefd met bonkende beats. Herkenbare tonen lieten ons dansen zoals we eerder al deden met anderen in even onherkenbare plaatsen.
Je glimlachte en werd iemand anders.
Ik werd zij.
We gleden verder af in het donkerte van de nacht en stopten niet met te zijn wie we nooit zouden zijn behalve dan die keer dat we het ooit waren geweest.
Ze wordt wakker en verkent waar ze is.
Wie ze is.
Het gezicht in de spiegel toont een vrouw.
Gisteren zou ze ze gezworen hebben dat dat anders was.
In een boek zou dit alles kunnen, zouden mannen vrouwen worden en vrouwen mannen, en zwaartekracht zou haar laten vliegen zonder in de ruimte te zijn. Paarden zouden kunnen praten en katten zingen.
Net zoals de schilder die het schilderij schildert en even later met witte verf alles uitwist.
Onder dikke lagen wit gaan verschillende tekeningen verloren, om jaren later zorgvuldig te worden ontdekt.
Dan zullen de historici niets anders kunnen dan gissen en wordt het verleden niets anders dan een fictief verhaal.
Gepost op 20 juli 2005 in Fictieve woorden | (0)
Hard Shoulder
Een ander ogenblik, op de grens tussen ergens en elders staar ik naar de zee. Tussen het ruisen door begint een viool te spelen, op de achtergrond. Mozart, geloof ik. Al weet ik er geen snars van.
Als het concerto stopt, ga ik op de wind liggen en voel hoe die mij draagt. Nog even en ik kan zweven.
Achter mij worden mijn voetstappen uitgewist door de zee. Geen bewijzen meer, ik ben verdwenen.
Terwijl het zand over het zand kruipt, verdwijn ik iedere voetstap opnieuw.
Gepost op 18 juli 2005 in Fictieve woorden | (0)
Scharlaken rood
Hij kijkt hoe ze het scharlaken rood naar haar lippen brengt, en er langzaam op bijt.
Het moet naar zoet smaken, weet hij, dieprood en wijnzoet, anders was het de moeite niet waard.
Het was allemaal de kunst van het enten, had zijn vader altijd gezegd, en hij wist dat hij gelijk had gehad.
Een rood straaltje sap komt uit haar mondhoeken, als een streep bloed.
Het drupt op haar witte bloesje, en hoewel hij haar boos wijst op de vlek, kan hij even later een glimlach niet onderdrukken. Pretlichtjes.
Hij lonkt van de vlek naar haar blote huid.
Nu het pitje nog.
Seconden later spuugt ze het kleinood op de geelgroene grond.
De zon had alles al dagen verbrand.
Alles, behalve het scharlaken rood, dat roder was geworden en haar huid, die een diepbruine kleur had gekregen.
Van het slapen onder de wilg.
Zo was het jaren geleden ook al geweest, toen hij haar net leerde kennen, ze was van het dorp, net als hij, en in de kerk durfde hij wel heimelijk naar haar kijken.
En zij keek terug. 'Franke toot' had zijn moeder haar genoemd. 'Niets goe voor u'. Hij had geknikt.
En toen was de oorlog gekomen, en naast al die 'vremden' van een paar dorpen verder, waren nu ook de soldaten bezig haar te versieren.
Maar hij had getriomfeerd.
Hoe hij had getriomfeerd.
Met geheime afspraakjes onder de wilg.
En kilo's kersen.
Bij dit stuk.
Gepost op 04 juli 2005 in Fictieve woorden | (0)
Gemorste woorden
Ze had woorden gemorst, die avond, als wijn op een spierwit tafellaken.
Honderduit verteld, en zich verscholen achter de luidheid van haar stem.
Ze hadden zout moeten zoeken om te vlekken te laten verdwijnen.
En nog was ze doorgegaan, alsof de gebaren die ze maakte, haar aanspoorden sneller te gaan.
En sneller.
Ze had iedereen achtergelaten en was uiteindelijk kilometers later tot stilstand gekomen.
Nu probeerde ze de overgebleven letters op te rapen.
Hakkelend keek ze hem aan.
Hij glimlachte.
Zij kon wel huilen.
Hij had het haar nooit kunnen vertellen.
Hoe, als hij haar aanraakte, haar eigenlijk uitwiste.
Hopend dat ze er op een ogenblik niet meer zou zijn.
Als hij maar lang genoeg zijn ogen toehield.
Misschien dan.
Hij nam haar hand. Zacht.
Hoe hij van haar hield.
Hoe hij haar woorden opdronk.
Hij sloot haar ogen en zei 'Kijk'
En ze zag.
Ze zag hem.
Ze glimlachte.
Hij wist.
Gepost op 01 juli 2005 in Fictieve woorden | (1)
Nooit stoppende treinen
Terwijl in een roze waas de zon de aarde zachtjes aait, glijdt het landschap aan me voorbij.
Een roze olifantewolk rent doorheen de hemel.
Een deuntje van veel te lang geleden brengt me naar 10 jaar eerder en flitsen herinneringen doen me glimlachen.
‘You’re only dreaming, I think I can hear you say shut up. I hope your dream is in me, I hope your dream sets your free.’
Iemand staart me in mijn spiegelbeeld aan. 10 jaar later, het is een vreemde vaststelling de trekken in mijn gezicht te herkennen.
En in de bewegingen en andere soort van vastberadenheid te zien, minder dwingend dan vroeger. Rustiger, maar niet minder (on)zeker.
Een dame passseert, een parfum blijft hangen.
Jij blijft langskomen in teveel gedaantes.
Witte strepen snijden de hemel in geometrische vlakken, zichtbare en enige overblijfselen van tickets naar elders, verre bestemmingen en langverwachte dromen.
Je vertelde me in duizend gedaantes dat je wilde veranderen, dat je enkel je eigen verwachtigen wilde inlossen en nooit de regels wilde naleven.
En met iedere gedaanteverwisseling veranderde je angst en je bestemming.
Je tekende de route op mijn lijf, een vingerstreek lang. Elke keer opnieuw.
Dat ik verhalen wilde vertellen die bleven doorgaan als nooit stoppende treinen, langsheen oneindige landschappen, en opgaande zonnen, waar mensen elkaar leren kennen en hun brood delen, vertrouwde ik je toe.
Je glimlachte er al om, jaren geleden.
Intussen is de hemel het schouwspel geworden van een vurig spektakel, alsof de zon de aarde te lang heeft aangeraakt en die laatste erdoor in vuur en vlam is geschoten. De witte slierten vormen nu een vuurwerk dat te snel ontbrandt.
Mijn ogen zijn de enigen die blussen.
De trein stopt.
Een reis begint.
Gepost op 12 juni 2005 in Fictieve woorden | (0)
Stilste stiltes
Ik hou van stiltes.
Alomtegenwoordige stiltes, in een massa van lawaai, een glimlach die de tijd in alle dimensies doet stilstaan.
Afwachtende stiltes, met een iets of wat arrogante houding, het vermoedelijk weten, en de teleurstelling achteraf.
Schrijndende stiltes waarin elk woord een woord teveel is en de stilte meer woorden bevat dan ooit voorheen.
Stresserende stiltes gepaard met een ongemakkelijk gevoel in de onderbuik en opluchting in een zucht.
Snijdende stiltes waarbij woorden geluidsloos doorheen de lucht klieven en zonder de noodzakelijke klankkast dof neervallen terwijl de stomme sprekers elkaar zonder woorden verstaan.
Of gewone stiltes, nooit vanzelfsprekend, waarbij jij en ik naast elkaar stil een boek lezen, elk in een eigen wereld verzonken en toch in dezelfde aanwezig.
Het stille weten.
Gepost op 10 juni 2005 in Fictieve woorden | (0)
J-Walk
Hij nadert een kruispunt. Stopt om over te steken. Het lijkt een onmogelijke opdracht in deze stad van razende mensen met te weinig tijd. En stoplichten. Waarom zijn er in hemelsnaam stoplichten als toch niemand stopt?
Aan de overkant staan er mensen die zichzelf afvragen hoe ze de straat kunnen overgeraken.
Hij kijkt ze aan.
En plots tussen al die mensen, die ene blik die blijft staren in zijn ogen, lijkt vastgelijmd. Een ogenblik lang. Een seconde, een eeuwigheid. Ookal is de straat zo breed en de afstand zo groot, en ziet hij enkel een paar ogen, hij is er zeker van dat als hij die ogen terugziet, hij ze zal herkennen.
De vrouw wiens ogen hij ziet, glimlacht even, en rukt zich dan los uit de betovering. Slaat haar ogen neer, draait zich om en besluit een andere weg te nemen, aarzelt even tussen links en rechts. Besluit dan dat links haar het snelst zal brengen waar ze heen wil en vertrekt. Met een aktetas onder haar arm en een gsm die rinkelt.
De man staart haar na. Besluiteloos. Onzeker.
Een seconde te lang, de eeuwigheid voorbij.
Hij weet het zelf, hij doet het weer, alles aan hem voorbij laten gaan.
In plaats van te springen naar het onbekende, te kiezen voor die verdomde zekerheid, die hij intussen zo haat. Als hij ‘s avonds in zijn bed kruipt en denkt dat hij alles heeft, een dak, een auto, een gsm, een computer, een job, een status in deze maatschappij, dat hij zich gelukkig mag prijzen want ‘denk maar eens aan al die arme kinderen aan de andere kant van de wereld’, weet hij diep in zijn binnenste wat hij mist. Passie.
Dat alles denkt hij in die ene seconde te lang, en in volgende seconde gaat een rest van gedachten aan hem voorbij, zijn zorgeloze jeugd waar hij zo naar verlangt. Heel even weer klein te mogen zijn en niet hoeven na te denken. Te zeggen, ik ben moe en gaan slapen. En verdrietig omdat er een ‘pijntje’ is en mama die al die ‘pijntjes’ overkust en zegt dat hij de liefste jongen van de hele wereld is.
Waarom is hij zich nooit gaan volwassener voelen? In zijn hart dezelfde onzekerheden van vroeger, dezelfde twijfels. En hij die dacht dat dat alles zou voorbij gaan als hij groter werd.
Drie seconden verder.
Als hij ontwaakt uit zijn gedachten, is de vrouw verdwenen, de auto’s blijven razen, en de stoplichten verspringen van kleur als de lampjes in een kerstboom. De voorbijgangers duwen hem bijna mee de stroom in.
Maar hij wil de andere kant op, besluit hij. Het is nooit te laat.
Hij rent het kruispunt op.
Dwars. Alle auto’s remmen.
Gepost op 27 mei 2005 in Fictieve woorden | (1)
Hypnerotomachia
Ze had gelogen.
Er was veel meer aan de hand.
Haar liefde voor boeken reikte veel verder dan ze durfde toe te geven.
Ze verslond boeken. En omgekeerd, de boeken verslonden haar.
Als een exemplaar in haar handen terecht durfde te komen, en met zijn geur, aanblik, en verborgen mysterieuze inhoud haar kon bekoren, was ze verloren.
Boeken waren haar opium, haar absint, haar morfine, een verlossing van het hier en nu.
En haar verlossers waren talrijk.
Ze hielden haar wakker dag en nacht.
En gretig als ze was in de liefde, ze verwachtte hetzelfde van haar verlossers.
Zij stelden niet teleur.
Ze begreep waarom Savonarola in de 16de eeuw het rijk van de Medicii wilde teniet doen, door meer dan enkele de ketterse symbolen te laten vernietigen.
De boeken waren zijn uiteindelijke doel.
Ze verbranden, zijn verlossing.
En net als hem en zovele anderen voor hem en na hem, deed ze hetzelfde.
Net als de bibliotheek van het Serapum in Alexandrie in 392 werd geplunderd, leeggehaald, en verbrand, verbrandde ook zij haar verslaving, haalde haar bibliotheek leeg en plunderde de verhalen in haar hoofd.
Het lidmaatschapskaartje van de bibliotheek was veilig verborgen in een schoendoos herinneringen.
‘Het hier en het nu’ bleef ze in gedachten herhalen. ‘Het hier en het nu’
Maar datzelfde hier en nu achterhaalde haar als jaren later alles hetzelfde was gebleven, en enkel zij volgens de wetten van tijd ouder was geworden.
Bij al haar geliefden, al haar minnaars en alle vrouwen die ze liefhad, vond ze nooit dezelfde voldoening. Ze waren gekomen en gegaan.
Alles was een rollenspel, waarbij het lichaam het overwon op de geest.
En de zeldzame keren dat ze citeerde uit Proust’s ‘A la recherche du temps perdu’ was zijzelf de enige die er de ironie van inzag.
Enkel haar echte geliefden waren al die jaren jong gebleven.
Het was toen, op een lentedag in mei, bij het leeghalen van een paar dozen herinneringen, dat ze stuitte op de lidmaatschapskaart.
Het was toen dat ze dat ze alles overboord gooide.
Men zegt dat men haar heeft gevonden in de bibliotheek, te midden een berg boeken, met 1 boek in haar handen, op een pagina opengevouwen. Men sprak van een overdosis drugs. En van verloren liefde.
De pagina van het boek stond in het politieverslag neergepend.
Omdat ik nooit één vers verzonnen heb
dat zich om jouw schouders leggen liet
als een warme arm of als een sjaal,
maar je pover in mijn taal onthaalde,
waar het altijd tochtig was,
omdat ik door de eerzucht werd verteerd
om 't plechtige verdriet van dikke kinderen
of't sjofele gesjachel van een meisjeslijf
te spellen met een overspel van woorden,
al jaren op het afscheid toebereid,
ter wille van één rilling en wat dringende driften,
om wat ik niet vermocht, vermogenloze danser,
maar om verdwenen zwier die óns bewonen bleef
zoals een nachtelijke balzaal, al verlaten,
geheel vervuld nog van de trieste walsen,
om alles wat niet blijft, blijf jij mij over,
want alles gaat voorbij, maar niets gaat over.
Hij was gebleven, al die tijd.
(Geinspireerd door The Rule of Four, gedicht: Jaren Later van Luuk Gruwez, uit Bandeloze Gedichten)
Gepost op 22 mei 2005 in Fictieve woorden | (0)
Red Light.
Hij wist niet hoe het zou voelen, door het rode licht te rijden. Hij had er ook niet echt over nagedacht toen hij het deed.
Al heel de ochtend was hij bezig met te laat te komen. Er zijn zo van die dagen dat je ís morgens al weet: ‘Dit is zo’n dag.’
Het begon vanmorgen vroeg, toen de wekker afliep en zijn vriendin, na het tweede ochtendjournaal, mompelde dat het echt wel tijd was nu, zich omdraaide en verder sliep.
De nacht was kort geweest, de liefde hevig.
Hij dacht terug aan haar naaktheid. Hoe mooi ze wel was.
Voor hij vertrok, zag hij nog net hoe een streepje ochtend langs haar gezicht streek en er slechts een dun laken tussen haar en het binnenvallende licht hing, en haar mooiste plekjes verborg. Hij keerde terug om dat ene onbedekte plekje, het kuiltje aan haar sleutelbeen, te strelen met zijn ogen, er dan zijn wang tegen te leggen vooraleer het een laatste zoen te geven.
Toen was hij al vijf minuten te laat.
Deze ochtendfile zou hem ook niet verder helpen. Het kantoor was intussen verwittigd en zijn secretaresse zorgde ervoor dat de eerste afspraak van deze dag verzet werd. Het gaf hem een uitstel van een halfuur. Wat betekende dat hij zich nog steeds moest haasten.
Eindelijk, het verkeer begon weer te rijden.
Terwijl hij naar derde versnelling schakelt, glijden zijn gedachten terug naar vannacht. Zijn hand op haar huid. Een streling die begon bij haar ogen. Hoe hij ze sloot en langzaam haar hele gezicht verkende met zijn vingertoppen, langs haar neus, haar oren, even wilde ze iets zeggen maar zijn vinger over haar lippen legde het zwijgen op. En de vinger gleed langs haar hals naar het kuiltje waar hij zo van hield. De hand die even stilhield daar, zachtjes rustte en de zachtheid voelde doorheen heel zijn lijf, plots verlangde verder te gaan, naar haar borst over de buik, de navel.
Zijn hand liet los. Hij zag haar gesloten ogen knipperen en wist dat ze verlangde.
Hij begon opnieuw, bij haar enkel nu, en langs de binnenkant van haar been kroop hij uitdagend langzaam op.
In een flits een rood licht, remmende banden en een harde klap.
Gepost op 21 mei 2005 in Fictieve woorden | (0)
Ik schrap het verleden
Ik schrap de woorden, laat de stilte staan.
De schreeuw is verdwenen, alles wat rest is het moment voordien.
Jouw mond die aanloopt tot.
Pauze.
Ik zet het verleden stil. Spoel het door. En later weer terug.
Laat de frames versmelten. En soms verdwijnen.
Ik zoek de close up van je blik, in mijn geheugen gegrift.
Het detail van een halsketting onder een hemd verstopt.
Even voordien een hand op mijn schouder.
Ook hier je mond die aanloopt tot.
Opnieuw pauze.
Ken ik je wel? Of ken ik de illusie in mijn hoofd?
Ben je tot wat ik je heb gemaakt?
En later, als je anders blijkt te zijn, wie ben je dan?
Gepost op 21 mei 2005 in Fictieve woorden | (0)
De illusie
Ik kijk naar de ring aan mijn hand.
Jij hebt de jouwe weggegeven. Voorlopig.
Ik glimlach om die voorlopigheid, sluit mijn ogen, en boetseer je gezicht.,
wil zacht je ogen voelen, maar het enige dat ik raak is lege lucht.
Je bent een illusie en net als elke realiteit anders is, ben jij er geen.
Je bent de fantasie in mijn hoofd, met het leven dat ik voor je heb gecreerd.
De herinneringen komen terug.
En het enigste wat ik me glashelder herinner
Zijn de scherven van ons geluk.
Hoe ze me sneden, telkens weer.
En hoe ik hield van je.
Ontzettend ongelooflijk en veel.
Misschien was het de illusie, de droom.
Die later voortleefde, tot je zelfs daar
Langzaam verdween, en verhuisde uit mijn hoofd,
Naar een huis een paar straten verderop.
Vergenoeg om de kleine stad groot te laten zijn
En je zelden te zien.
Behalve dan af en toe. Als ik ergens woorden lees,
Of een geur opvang, in een glimp je herken,
En je herinner.
Terwijl ik me afvraag of ik jou herinner,
Of de illusie.
(Een verhaal bij dit)
Gepost op 01 mei 2005 in Fictieve woorden | (0)
Wolkenpoesie
Gepost op 12 april 2005 in Fictieve woorden | (0)
Vakantieherinnering
Een vervolg op dit
De realiteit is angst.
De realiteit is pijn.
De realiteit is gevoel.
Knijp in mijn arm en ik schreeuw.
Ik word niet wakker. Ik ben het al.
De huizen om mij blijven.
Vakantieherinneringen:
#1: De letters zijn intussen verdronken in de te diepe zee.
Vissen zullen onwetend woorden eten en niet verstaan.
Ze staart naar het diepe water, met daaronder, onzichtbaar, de vissen.
De boot snijdt langzaam maar zeker het water in twee
Tweestrijd ook in mij. Mocht ik, kon ik, dan zou ik. Alles en altijd.
Voor eeuwig.
Mijn ogen strelen,
Mijn handen wenen.
#2: De woestijn fluistert verhalen. De maan schrijft mijn naam.
Later wordt de stilte oorverdovend en de lucht vol van sterren die vallen,
Of soms, gewoon blijven staan.
Ik kijk naar het verleden dat zich boven mijn hoofd openbaart.
Wat ik zie is miljoenen jaren geleden.
En de zekerheid van de aanwezigheid van de sterren,
verandert in het onweten:
Dit alles is slechts een afspiegeling van een verder verleden.
Niets is wat het lijkt.
#3: Een bom is ontploft. Uren eerder al.
Ik heb van je gehouden vannacht. Liefgehad.
Maar alles was anders toen.
Altijd anders.
De realiteit is nu.
Gepost op 25 maart 2005 in Fictieve woorden | (0)
Nagelaten bekentenis
Nagelaten bekentenis: ik deed een kruistocht in spijkerbroek, kuste 2 vrouwen, zag de witte stad, sliep onder het noorderlicht, reisde met de trein der traagheid, schreef een brief aan Boudewijn in de villa des roses, waagde me in de donkere kamer van Damocles, verwonderde me om de slinger van Faucault, en hoewel rijk, mijn verleden is onvoltooid.
Ik reisde de schaamte voorbij. Verliet het lege huis. En hoewel het afscheid pijnlijk was, het verlangen des te groter.
Ik wil de ontdekking van de hemel, alle wetten voorbij.
De echte vriendschap. De taal der liefde verstaan
Om misschien ooit een beter ik te worden.
Gemis.
Ik verliet de bibliotheek toen alle boeken uit waren.
De dame van de afdeling verwees me door, de hoek om, naar de ‘grotemensenafdeling’
En terwijl ik er de eerste keer langliep, de vinger zoals altijd glijdend over alle kaften, de gedachten pijnigend naar een glimp van de inhoud achter de vinger,de geur van papier opsnuivend, wist ik dat alles anders was.
Dat was het ook.
De verhalen veranderden, minder vrolijk, ernstiger. Dramatischer en veel meer liefde.
Echte liefde. Liefde die pijn doet.
Het lief dat meewandelde naar de bieb veranderde, eens blond en voetbalfanataat, later bruin en macho, nog later zacht en teder.
Soms kusten we op de stoeprand, soms tussen de boeken en de titels in, en in zeldzame momenten leesden we elkaar gedichten voor. Binnensmonds.
Het was een geheime ontmoetingsplek, en we konden zeggen ‘vrijdag, tussen Mulish en Nooteboom’
Uiteindelijk zijn de boeken gebleven.
Zonder ons.
En wij zonder elkaar.
De boeken.
Ze waren niet genoeg. Ze waren nooit genoeg.
Ze waren te kort.
En zelden ‘echt’ genoeg.
Altijd was er de pagina die alles eindigde, en mij terug in mij transformeerde.
En ik bleef over, alleen.
Dus nam ik een vliegtuig naar elders, op zoek naar het echte verhaal. Een stapel reisgenoten in mijn rugzak, in het geval de illusie een betere keuze zou zijn dan de realiteit.
Vanuit die realiteit schrijf ik vandaag.
(Een vervolg op dit bericht)
Gepost op 21 maart 2005 in Fictieve woorden | (1)
Verloren.
Wat is het misschien meer dan
Het nooit dat zekerheid biedt
De twijfel waarin je me
Doet baden verbergt
Mijn naaktheid niet.
En terwijl ik dreig te verdrinken
In dit te diepe momentum
Bevries je met je glimlach
Dit ogenblik tot eeuwigheid
Uiteindelijk is het jij die wint
Vertel je me
Wat ik je vergat te zeggen
Is dat mezelf al lang in jou
heb verloren.
Gepost op 10 december 2003 in Fictieve woorden | (0)
Wit

De woorden zijn verdwenen, verhalen die ik wou vertellen.
En terwijl ik letters op het scherm tot woorden probeer te toveren, om dan tot zinnen te verworden, is het de delete-toets die even later, ingedrukt, langzaam alle letters opeet.
Opvreet.
Wat overblijft is niets anders dan het wit van dit blad.
En plots het besef dat dit wit alles vertelt. Het hele verhaal.
Ik stop.
Laat het wit wit.
Gepost op 23 november 2003 in Fictieve woorden | (1)












